Ze stal geborgenheid

in het nest

van het vermoorde konijn

goed verborgen tussen rotsen

waar een hermelijn

net heeft geworpen

op het zachtste mos

wriemelen roze mormels

voor wie daglicht

nog een vreemde is

moeder en melk

vormen de hele wereld

warmte bestaat alleen

in de zachtheid 

van haar vacht

of elkaars naakte huidjes

als zij er niet is

zelfs in een gestolen thuis

vindt het leven een begin

april 2024

Zusje

je danst door het leven

in een eigen ritme en tempo

ziet de wereld je bewegen

zoals je altijd al hebt gedaan

je passen groot en sierlijk

soms gaan ze even achteruit

maar stil valt het nooit

de muziek zal altijd spelen 

en zolang je voeten je dragen

naar waar je hart je zegt te gaan

blijf je bloeien tot wie je bent

zoals je altijd al hebt gedaan

mei 2024

voor Iara.

Beschenkschonken

ik heb me beschenkschonken

nog niet van het padje

maar wel op het randje

de wereld is nu

zacht dubbel

met een vertraging van

een halve seconde

sijpelt alles binnen

en stuimel ik stappen

verder de nacht in

mijn onvaste blik zich

kortstondig vastklinkend

aan hoe het leven zich

op mijn pad werpt

achteloos maar als stroop

die zich langs mij 

werken moet

als ik mijn hoofd niet

recht kan houden

zal ze eraf vallen

en elk idee dat eruit

lijkt te tuimelen

is een goede

maar zoals dat gaat

met parels

moet je de betere

bewaren voor later

voor als de wereld weer

recht lijkt te staan

met elke ademteug

verder van de alcohol

kruipt de opklaring

gestaag mijn brein in

maar pas met de

zoete rust van slaap

komt de vereffening

die mijn lichaam verdient

mei 2024

Vieren en herdenken 2024

Geheugen

in het voorjaar togen we

voor de laatste keer

naar de gespleten man

spierwit starend naar de hemel

zijn zware armen en benen 

staan bevroren in verzet

tegen onvrijheid die

de stad nooit heeft gekend

we omlijsten hem met

kransen en mooie woorden

al jaren draagt hij 

het lange geheugen

van wat er gebeurt

als vrijheid niet meer is 

Vlam

midden in de lente

elk jaar opnieuw

vlamt ze in ons midden

zodat we niet vergeten

hoe het zonder haar zou zijn

als zij er niet is

zijn we blind in het duister

zien we niet waar we heengaan

hebben we geen oog voor elkaar

als zij er niet is

verliezen we de warmte

in onszelf en voor elkaar

en worden onze verschillen

als dodelijke contrasten

als zij er niet is

hebben wij geen kans

om morgen beter te worden

om te leven hoe we willen

om een ander te laten zijn

ze is kostbaar en fragiel

en ver van vanzelfsprekend

ze is een vurige herinnering

aan wat wij doen 

met vrijheid

april 2024

Dit zijn respectievelijk de gedichten voor de Dodenherdenking en Bevrijdingsdag in Lelystad. Voor de Dodenherdenking koos ik voor de invalshoek van het monument, omdat het de laatste keer was dat er op die locatie herdacht zou worden. Zie dit artikel in de Flevopost voor meer informatie.

Voor het bevrijdingsgedicht heb ik geleend van Albert Camus. In Hommage à un journaliste exilé (1955) zegt hij:

“La liberté n’est rien d’autre que la chance d’être meilleur, tandis que la servitude est l’assurance du pire”.

“Vrijheid is niets anders dan de kans om beter te zijn, waar slavernij een garantie is op het ergste”.

Diefstal

we hebben je horizon gejat

met onze toekomstdromen

uit een gemeende noodzaak

een hele zee ontnomen

op haar geest drijft nu

een grote vlakke plak klei

we veroordelen je tot land

corrigeren vlug je zeebenen

en halen alle wind uit je zeilen

nu lig je voorgoed voor anker

op het vasteland

waar we achten je te aarden

april 2024

Jij of ik

ik hoon mijn letters

slijp mijn pen tegen papier

polijst mijn verhalen

bezweer de printer en

tem de zenuwen want

vandaag

is het mijn woord

tegen het jouwe

in een arena gemaakt

van bewondering en applaus

laat ik gedichten schitteren

in minder dan 180 seconden

is die eerste zet gezet

onze woorden dansen

tot ze fonkelen

in het heetst van de strijd

glanzend voor de jury

een daverend publiek

het is niet meer aan mij

of jij hem wint

of ik

maart 2024

Voor de Lelystadse Poetry Slam 2024

Behang

op mijn twaalfde

maakte ik mijn eigen

grot van Lascaux

met een potloodje en

de onnoembare drang

om te praten met de toekomst

behangpapier lag klaar

met gele strepen 

warm als ochtendzon

maar eerst het

koude stille beton

ik liet er alles

achter voor later

van lievelingseten

tot wijsheden vanuit het

diepste van mijn tenen

alles om de ik van toen

aan het einde van dat

gele behangpapier

niet te zullen vergeten

afbeelding van een potloodtekening op een muur. het is een tekening van een primitief meisje dat op een stuk vlees kauwt. ze heeft een jurkje aan van vacht en knijpt haar ogen dicht.
zelfportret van achter het behang, 2004

februari 2024

Dichterswals

dansende pen

haar walsje gaat moeiteloos

over gepureerde dode bomen

inkt sijpelt door

op naar een nieuwe eeuwigheid

of tot de rot ons ontbindt

of de mens ons vergeet

of de aarde ons verdrinkt

of het bestaan in een zwart gat zinkt

of tot niemand meer kan lezen

of een worm dit vindt die uitsluitend

inkten letters eet

maar voorlopig zal ze walsen

ze is nog lang niet klaar

zolang de dichter denken kan

blijft ze altijd dansen

met haar gedachten

maakt ze met inkt papieren

met fracties zwaarder

en de gedachten

met fracties lichter

maart 2024

Fijne wereldpoëziedag!

اِستَوطَنَتْ Satawtanat

de klei is nieuw

de stad is nieuw

iedereen hier komt

ergens anders vandaan

het is vruchtbare grond

om op te bestaan

een leven gebouwd op

vijf vertrouwde pilaren

en je mocht er

gewoon zijn

maar de tijd

kreeg scherpe randjes

je wordt gevormd tot ander

angst voor wat zij denken

wie je bent

de vooroordelen vergiftigen

je kan niet langer

gewoon zijn

en toch straal je

en met jou vele anderen

niet van de wijs gebracht door

interpretaties van een stuk stof

of de aanname dat

je nooit een keuze hebt gehad

je leeft, balancerend op kruispunten

maar boven alles zul je

gewoon zijn

maart 2024

In de Flevomeerbibliotheek van Lelystad hangt nu “Gewoon Zijn”, een bijzondere foto expositie door Ebru Aydin. Twaalf portretten van moslima’s gepaard met twaalf stillevens van belangrijke objecten uit hun levens vertellen over hoe deze vrouwen simpelweg zijn. In een bijbehorende reeks podcasts vertellen de geportretteerden over hun ‘sense of belonging’; hoe voelen zij zich onderdeel van deze maatschappij?

Hun verhalen en de geschiedenis van moslima’s in Lelystad hebben dit gedicht geïnspireerd.